top_reis_art_06

Yukon Quest Expeditie 2008

Op naar het eerste Checkpoint

Met mijn gehele uitrusting vertrek ik richting Check Point (CP) North Pole, 53 kilometer verderop. De rivier is redelijk begaanbaar en net voor 23:00 uur kom ik er aan en besluit voor de eerste keer mijn tent op te zetten. Uiteraard is dit CP nog niet bemand, dat gebeurd pas tijdens de Quest en dus is er nu helemaal niemand. Het is gedurende de dag ongeveer -15°C geweest en prima om in te lopen. Eenmaal in de tent heb ik snel mijn brander ontstoken en water gekookt om een warme maaltijd naar binnen te kunnen werken. Voor ik ga slapen bestudeer ik nog even de kaart. Om 04:00 gaat de wekker. Ik smelt weer sneeuw voor water, eet een warme maaltijd voor energie, doe nog een korte kaartstudie en breek als een speer af zodat ik snel kan gaan lopen. Dit ritueel zal zich de komende weken nog vele malen herhalen.

Verkeerde afslag

Na 4 dagen lopen sta ik op Rosebud Summit. De wind wordt alsmaar krachtiger en ik moet mijn best doen om te blijven staan. Mijn ledematen beginnen tegen te stribbelen, mijn vingers en tenen worden gevoelloos en mijn gezicht begint te branden door de ijzige wind. Na ongeveer 30 minuten begint het te sneeuwen en wordt het nog erger. Ik zie geen hand voor ogen meer! Ik moet zo snel mogelijk van deze berg af zien te komen om mezelf in veiligheid te brengen. Ik kijk op mijn horloge en kompas en zie dat ik nog niet ver genoeg ben, als ik hier afdaal zit ik aan de verkeerde kant van de berg. Hier de tent opzetten is door de harde wind geen optie en dus ik besluit ik door te lopen. Hoofd naar beneden en gaan! Ik heb daarna alleen mijn eigen voeten zien bewegen in het licht van mijn kleine Petzl hoofdlamp en moet moeite blijven doen om niet van de berg te waaien. Ik ploeter door een hoop diepe sneeuw en na een paar honderd meter afdalen kom ik een aantal bomen tegen. Hier kan ik iets uit de wind zitten en ik besluit een sneeuwhol te graven om daarin mijn tent op te zetten, de storm uit te zitten en dan beter te kunnen bepalen of ik wel echt goed zit.

Om de tijd wat te doden zet ik mijn mp3 speler aan en probeer de moed erin te houden door luidkeels mee te zingen met Bob Marley, Don’t Worry About a Thing. Urenlang worstel ik mijzelf over ijsschotsen als ik plotseling, nadat ik mijn rechtervoet plaats en er met mijn volle gewicht op sta, door het ijs zak op nog geen meter afstand van het open water. Misschien had ik al eerder de voortekenen kunnen opvangen door te luisteren naar het kraken van het ijs maar ik was zo slim om met mijn mp3 speler aan langs dit stuk te lopen. Mijn volledige gewicht stond op mijn rechterbeen en mijn lichaamsgewicht leunde schuin naar voren doordat ik in mijn harnas hing om mijn slee voort te trekken. Mijn rechterbeen zakte tot ongeveer 20 cm boven mijn heup door het ijs terwijl ik met mijn gewicht naar voren viel. Een snelle stekende pijn schoot door mijn kuitbeen en in een flits van een seconde bedacht ik me dat deze gebroken zou zijn. In dezelfde flits van een seconde bedacht ik me ook dat ik dan echt zwaar in de problemen zou zitten en zeker met deze temperaturen. Ik kan niet zien hoe koud het is maar ik schatte het ongeveer rond de -40°C. Terwijl ik op de grond lag bewoog ik mijn rechter been en tot mijn grote opluchting bleek deze nog te functioneren en dus niet gebroken. Wel had de scherpe ijsrand als een kaasschaaf de huid van mijn scheenbeen geschild. Mijn rechter been was kletsnat geworden en dus was ik genoodzaakt om in no-time mijn broek, sokken en schoenen te wisselen.

Een onverwachte ontmoeting

Eindelijk kom ik weer een beetje op adem totdat ik plots op ongeveer 25 meter recht voor mij 4 schimmen zie verschijnen. Ik kan niet goed zien wat het zijn, maar mijn hartslag schiet uiteraard terug naar de 200. Wat moet ik hier nu tegen komen op die rivier? Ik blijf stilstaan en zie dat de schimmen kort daarop hetzelfde doen. Een paar seconden (wat voor mijn gevoel een paar minuten zijn) kijk ik naar vier schimmen en zij naar mij, totdat de mist waar wij ons in bevinden openbreekt door de wind. Dan sta ik oog in oog met 4 wolven!

Normaal gesproken zoeken wolven geen contact met mensen en vallen niet mensen aan en ik weet zeker dat, gezien hun reactie, dit ook voor hen een toevalstreffer moet zijn. Desalniettemin bonkte mijn

hart in mijn keel en werd dit nog sterker toen 1 van hen zijn lip optrok en begon te grommen. Voordat ik begon met mijn tocht heb ik op de Universiteit van Fairbanks met een biologie docent gesproken over wat te doen bij eventueel contact met het wildleven op de route. Ik draag geen pistool of geweer, maar slechts mijn door Hill Knives gemaakte mes aan mijn harnas en Bear Spray in mijn slee. Volgens hem hoefde ik mij geen zorgen te maken over wolven, al lijkt het erop dat overal waar ik kom de lokale mensen dit tegenspreken. Zijn advies was dat als ik wolven zou tegenkomen ik mijzelf groot moest maken, niet laten zien dat ik bang ben en veel herrie moest produceren. Toen ik die lip van die ene wolf omhoog zag gaan, bedacht ik me geen seconde. Ik maakte snelle bewegingen in hun richting, alsof ik naar hun toe wilde lopen en maakte een hoop herrie. Ik weet niet meer precies wat ik allemaal heb geroepen maar ik weet nog precies wat ik dacht “kom maar op, dit kan er ook nog wel bij. Ik maak wolven shoarma van jullie!”. Gelukkig schrokken ze daarvan en verdwenen ze weer terug de mist in. Als ik het nu beschrijf lijkt het een heel verhaal maar in het echt duurde het misschien nog geen 30 seconden. Lang genoeg om de adrenaline gierend door mijn lijf heen te pompen. Ik vervolgde mijn weg maar dit keer zonder mp3 speler om constant om mijzelf heen kijkend, goed te kunnen luisteren of ze niet toevallig hun vriendjes hebben opgehaald.

Doodlopend spoor

Net voor 18:00 uur en nauwelijks bekomen van alle gebeurtenissen van die dag wachtte er al weer een andere verassing op me. Het sneeuwscooter spoor wat ik tot nog toe redelijk kon volgen blijkt een grote draaicirkel te maken en gaat zo te zien over het zelfde spoor terug. Ik kan het niet helemaal goed zien omdat de duister reeds is ingevallen maar als dit zo is betekend dit “bad luck”. Ik pak mijn zak lamp en schijn over de rivier……geen spoor meer te zien. Ik pak mijn kaart en probeer te achterhalen waar ik op dit moment zit. Zoals het eruit ziet zijn de trailbreakers omgekeerd, precies ter hoogte van een vertakking van de Kandik River. Ik bind mijn sneeuwschoenen onder, loop nog een stuk door maar loop

al heel snel vast op een paar grote ijsblokken. Het is inmiddels donker en na wat ik vandaag heb gezien van de rivier en zijn condities, met zijn ijsschotsen, gaten en open water, is het verstandiger om terug te lopen naar de Kandik River en het weer te proberen bij daglicht.

Ik had er rekening mee gehouden dat ik mijn eigen spoor zou moeten breken, maar de rivier condities waren dit jaar wel heel anders dan andere jaren.

Hout hakken

Ook de volgende dag was het -50°C en moest ik mijn warme cabin verlaten om hout te gaan hakken voor de kachel. Ik kleed me goed aan en vertrek, gewapend met bijl het bos in.

Mijn vingers begonnen al snel te steken, maar ik negeerde de pijnprikkels nog even om zo snel mogelijk weer terug naar de cabin te kunnen keren. Ik wilde voorkomen dat ik nog een keer naar buiten moest om nog meer hout te hakken. Na een tijdje kon ik de bijl niet meer goed vasthouden en bijna schoot hij daardoor uit mijn handen. Ik probeerde mijn vingers te bewegen maar had geen controle meer over mijn eigen handen. Toen ik mijn rechter handschoen uittrok om mijn vingers te controleren, schrok ik van wat ik zag! Al mijn vingers waren voor tweederde van de lengte volledig wit en gevoelloos geworden. 

Hoe kon ik zo stom zijn om de pijnprikkels te negeren! Ik had beter moeten weten, maar ik realiseerde me dat ik geen tijd had om over de oorzaak te balen, maar dat ik NU in actie moest komen. Het bloed moest zo snel mogelijk weer terug in mijn handen om blijvende schade aan mijn vingers te voorkomen en te voorkomen dat ze van glazig wit, uiteindelijk zwart zouden worden.

Hier buiten met -50°C was dat onmogelijk en dus rende ik zo snel mogelijk terug naar de cabin. Eenmaal binnen begon ik met mijn armen te zwaaien om het bloed terug te krijgen in de handen en dit had gelukkig succes, al voelde dat op dat moment niet zo! Als het warme bloed terug komt in de vingers geeft dit een onbeschrijfelijke pijn. Het succes gevoel had dus nogal een nare bijsmaak op dat moment. Het zweet brak me letterlijk uit. Niet dat ik het warm had, maar door de pijn die gedurende tien minuten door mijn handen schoot. Ik werd zelfs licht in mijn hoofd, duizelde op mijn benen en had het gevoel dat ik moest braken. Mijn hartslag bonsde in al mijn vingertoppen en die voelden alsof er zojuist een vrachtwagen over heen was gereden. Gelukkig trokken deze verschijnselen na een tijdje langzaam weg en kwam ik weer een beetje bij zinnen. Deze keer was het echt op het randje, ik had veel eerder moeten controleren. Dit bewijst maar weer eens dat in deze omstandigheden een foutje snel gemaakt is en de krachten van de natuur gemakkelijk onderschat kunnen worden.

De dagen glipten uit mijn handen en daarmee kwam het einddoel in gevaar. Er moest iets gebeuren! Misschien kan ik er toch doorheen breken, misschien valt het allemaal wel mee, misschien... Om antwoord te krijgen op deze vragen pakte ik mijn rugzak, vulde deze met essentiële materialen (om te overleven in geval van nood) zoals mijn satelliet telefoon, SPOT, kaart, kompas, wat eten en reserve kleding. De slee liet ik achter zodat ik me sneller en veiliger kon verplaatsen. Ik kleedde mij goed aan, bond mijn sneeuwschoenen onder en verliet de veilige en warme cabin. Mijn gezicht is in no time bedekt met ijs en aan mijn wenkbrauwen hangen al snel klonten ijs die mijn zicht beperken. De temperatuur was die dag rond de -55°C en de koude brandde door mijn kleding heen.

In de bocht waar ik stond had ik aan mijn linkerhand een steile rotswand, daarna een strook opgeschoven ijs van ongeveer 10 meter breed en aan mijn rechterhand, … open water! Het open water zorgde ervoor dat ik de ijsschotsen niet kon omzeilen door de rivier over te steken. Een water oversteek is onmogelijk, het water is te koud en stroomt hard. Ik heb hier dus niet veel mogelijkheden. Rechts open water, links een rotswand en rechtdoor de ijsschotsen. Ik probeer over de ijsschotsen heen te klimmen maar kom steeds vast te zitten doordat ik met een vaart naar beneden glijd als ik over de rand van een schots klim. Op de weg naar beneden kan ik niet afremmen omdat de ijsplaten geen houvast bieden. Onderaan de ijsplaten waar ik vanaf glijd zijn spleten en gaten waar ik vervolgens met een vaart inklap. Over de schotsen klimmen met mijn slede van 80 kilo is gekkenwerk. De trailbreakers die de ijsplaten in stukken zullen zagen komen voorlopig niet en andere mogelijkheden dan er overheen gaan, zijn er voor mij nu niet.

Met andere woorden “IK ZIT VAST!”